Video 2: Het klopspel/klapspel
In plaats van het klapspel spelen we hetzelfde spel, maar dan met kloppen en tikken.
Gebruik daarvoor je omgeving.
Welke kaart je ook speelt, je kan dit spel daarvoor in de plaats doen.
Maar ook gewoon tussendoor natuurlijk!

Klop weer op het raam, maar nu ook op van alles om je heen: de deur, een andere deur, de muur, de vloer, het raam in de deur, ….

Maak in de 2e helft van het lied weer een mijter van je armen.
En ten slotte houden jullie je handen voor je gezicht: ‘koekoek!’.

Video 3a en 3b

Varieer je eigen bewegingen met de Handstandjes.
Voor de allerjongsten is er een aparte video met spel voor de baby’s.

Video 3a: Handstandjes
Gebruik je hele omgeving

Kloppen: voor het lied start je met het kloppen. Dit kan je doen op de altijd leuke  Oermelodie of helemaal zonder zang. Luister samen naar de klank. Kinderen voelen ook dat de oppervlaktes verschillen: een interessante ervaring.

Ga nu variëren als de kinderen daar aan toe zijn:
Klop je met één hand? Met de andere hand? Met twee handen?

Ga ook tikken in plaats van kloppen: tik met één vinger, andere vinger, twee vingers, alle vingers, vingers om de beurt?
Klinkt het hard of zacht? Pas daarop de tekst aan: zachtjes/harder, hard / heel hard, …

Maak in de 2e helft van het lied weer een mijter van je armen.
En ten slotte houden jullie je handen voor je gezicht: ‘koekoek!’.

 

Video 3b: Babyspel
De baby ligt voor je op de rug, gezicht naar je toe. Zoals op de verschoontafel, op je benen of op de grond tussen je benen.
Zing het lied. ‘Klop’ daarbij met je platte vingers zachtjes drukkend op het lijfje van de baby. Houd elke beweging voorspelbaar en zorg dat de baby je aanraking aan ziet komen.
Klop bijvoorbeeld van de voetjes naar de buik, of op de handjes tot de schouders.
Vanaf ‘Sint Nicolaas’ wieg je de baby heen en weer op je benen,
of: je laat de baby jouw handen vastgrijpen en beweegt zo samen heen en weer,
of: je omvat de baby en gat zo samen heen en weer.
Op het einde speel je samen kiekeboe!

Kiekeboe!

Gebruik een doekje (lapje, washandje, vaatdoekje, dansdoekjes…) voor iedereen één.

Kloppen: kies een variatie die jullie leuk vinden.

Maak een mijter van het doekje (op je hoofd leggen, peuters: omhoog houden als hoge mijter).
Houd deze voor je gezicht: koekoek!

Poppenspel

Neem een popje van een Sinterklaas.
Maak een ‘theatertje’ door bijv. een doos met een doek erover heen voor je te zetten.
Wil je het heel mooi maken?
Maak een huis van een doos met een raampje en deurtje eruit geknipt.

Verstop de pop van Sinterklaas achter de doos. Zing het lied, klop daarbij op de doos (dit geeft een mooi geluid).
Bij ‘Sint Nicolaas’ komt hij tevoorschijn en beweegt met de muziek mee heen en weer.
Bij ‘in een of andere hoek’ verstopt hij zich, bij ‘koekoek’ komt hij weer tevoorschijn.

Video 6a: Rollenspel
Kinderen verkleden zich als Sint en spelen het poppenspel helemaal na.
Voor het verkleden is een rood lapje op je hoofd of over je schouders misschien al voldoende.
Speel het in een speelhuisje, achter een grote doos of bij een deur /raam.
Speel precies hetzelfde als het poppenspel, maar nu doen jullie het zelf!

Video 6b: Babyspel
Speel met de pop van Sinterklaas één-op-één voor de baby.

Verstop het popje achter je en laat het weer tevoorschijn komen.

Op het eind kan de baby het popje vastgrijpen.

Video 7a: Geluiden overal!|
Ga binnen en buiten overal geluiden zoeken: de deurbel, klepperen met de brievenbus, de buitendeur, misschien een schuurdeur of tuinhek? Waar zou Sint allemaal langs kunnen komen?

Extra optie: Geef elk kind een ‘staf’: zoek buiten een takje of geef ieder kind een ander stokje.

Hij kan kloppen, tikken, rammelen aan het hek, met zijn staf ergens tegenaan tikken. Doe de klop- en tikspelletjes en zing daarna het lied steeds.

Video 7b: Babyspel ‘Waar is Sinterklaas?’
De baby gaat de geluiden volgen
Neem een doosje of trommel of iets anders wat een fijn geluid geeft als je erop klopt.
Houd het doosje links van de baby en klop erop.
Houd het doosje rechts van de baby en klop erop.
Varieer steeds van richting: boven, beneden, achter, voor, links, rechts, …
Zing tussendoor steeds het lied en speel daarbij op het eind kiekeboe met het doosje.

Video 8: Trommelen!
Geef iedereen één trommel, een doosje, of een stevig bordje waarop getrommeld mag worden.
Tip: De ikea bordjes, krukjes en pannenonderzetters zijn erg mooie trommels.
De trommel is jullie raam/deur/hek/ …
Speel variaties met kloppen, tikken met een vinger, tikken met een nagel, slaan op de trommel, … Ontdek allerlei geluiden.
Houd de trommel als een mijter boven je hoofd vanaf ‘Sint Nicolaas’.
Houd de trommel voor je gezicht bij ‘in een of andere hoek’.
Kom tevoorschijn bij ‘koekoek!’.

Hoor wie klopt daar kinderen - Ukelele download - Akkoorden: F C7 (C) Bb